Architect Bertus Mulder, de kenner van Rietveld

Geplaatst door Administrator (admin) op Dec 28 2011
interviews >>

Architect Bertus Mulder, de kenner van Rietveld

Interview uit 2011, door Jan Jansen
Bertus Mulder: “Rietveld had een volstrekt onafhankelijke geest. Een man van eenvoudige komaf, begonnen als meubelmaker, die zich verdiepte in filosofie en humanisme. Hij was van oorsprong van gereformeerde huize maar heeft zich helemaal losgemaakt van zijn traditionele opvoeding. Zijn muze en eerste opdrachtgever was Truus Schröder. Na de bouw van haar huis aan de Prins Hendriklaan vond zij dat Rietveld met zijn meubelmakerij moest stoppen en verder moest gaan als architect”.
Rietveldpanden zijn internationaal erkend als voorbeeld van het nieuwe bouwen, die bijzonder zijn vanwege de ruimtebeleving en lichtinval. In de tijd dat ze gebouwd zijn was er nog geen goede technische mogelijkheid voor een lange levensduur. Daarom zijn ze nu veelal aan restauratie toe en daar komt Bertus Mulder bij kijken want hij heeft intensief met Rietveld samengewerkt.
“Ik kom oorspronkelijk uit Dedemsvaart. Als zoon van een aannemer ben ik begonnen als timmerman. Wilde graag verder studeren om uiteindelijk architect te worden. Nadat ik in 1958 mijn studie als architect aan de ‘Hochschule fὔr Gestaltung’ in Ulm in Duitsland had afgerond wilde ik met mijn vrouw Monica naar Utrecht om te werken en te wonen.”
“Ik wilde zelfstandig architect worden en ben naar Rietveld gestapt om me als ‘freelancer’ aan te bieden. Rietveld was toen een internationaal beroemde architect van zeventig jaar met veel opdrachten. Zijn bureau was aan de Oudegracht 55 waar zo’n zes mensen werkten. Mijn rol was het uitwerken van de ontwerpen van Rietveld tot en met de uitvoering. Rietveld leverde vaak ‘s morgens met de hand getekende ontwerpen aan op ruitjespapier. Hij zei dat hij ’s avonds het beste een ontwerp kon maken nadat hij eerst goed had gegeten”.

 

 


Gerrit en Bertus konden het goed samen vinden. “Rietveld was een heel prettige en inspirerende man die zijn belangstelling over het echte leven en zijn ontdekkingen daarover graag met mij wilde delen. We hadden veel persoonlijke gesprekken. Ook over hoe zijn privégevoelens waren. Toen ik hem ontmoette was zijn vrouw pas overleden. Hij was net ingetrokken bij Truus Schröder aan de Prins Hendriklaan. Een voor hem emotionele tijd. In Utrecht had men trouwens niet echt het besef dat Rietveld een beroemde plaatsgenoot was. Als je met hem op straat liep werd hij nooit herkend.”
Tot zijn vrouw in 1958 overleed woonde Rietveld met haar samen boven de door hem ontworpen bioscoop op het Vredenburg. Hun kinderen woonden al zelfstandig. Nadat Rietveld bij Truus Schröder was ingetrokken kwam de woning aan het Vredenburg leeg. “Rietveld stelde mij voor om daar met Monica te gaan wonen. Toen we daar voor het eerst binnenkwamen stond het huis nog helemaal vol met hun meubels. Rietveld had zelf niets meegenomen. Hij zei dat wij daar zoveel mogelijk gebruik van mochten maken. Het is ook het huis waar ik mijn eigen architectenbureau ben begonnen.”
Bertus Mulder heeft altijd een onafhankelijke positie ten opzichte van Rietveld gehouden. Zijn bureau groeide tot elf mensen en hij verhuisde zijn bureau naar grotere panden. Het contact met Rietveld bleef intensief. “Vaak ging ik ’s morgens om half elf op zijn bureau aan de Oudegracht even langs om koffie te drinken. Iedereen zat daar aan een grote tafel met Rietveld aan het hoofd. Prachtige filosofische gesprekken werden daar gevoerd.”
Mulder voelt zich verantwoordelijk voor het erfgoed dat Rietveld via zijn bijzondere gebouwen heeft nagelaten. Hij schrijft boeken over Rietveld, geeft lezingen en restaureert Rietveldpanden. Zijn eerste restauratieopdracht was het Rietveld Schröderhuis in 1974. Het huis bestond toen vijftig jaar en werd op dat moment geplaatst op de lijst van rijksmonumenten. Vele andere Rietveldpanden zijn door Bertus Mulder onder handen genomen, waaronder het paviljoen in Otterlo.
Soms zijn er zelfs panden verplaatst zoals de aula van de begraafplaats in Hoofddorp, die op de plek stond van de vijfde landingsbaan van Schiphol.
“Mijn opvatting over restauratie van Rietveldpanden is om het oorspronkelijk concept weer terug te brengen. Dat levert altijd wel een discussie op met monumentenzorgers die veelal de opvatting hebben dat veranderingen door het gebruik ook van waarde zijn. Ik weet zelf beter als wie dan ook hoe Rietveld altijd zocht naar de essentie van de ruimtelijke beleving en de daarbij behorende kleurstelling. Dat wil ik na de restauratie weer bij zijn panden terugbrengen. Door toepassing van hoogwaardige eigentijdse technieken ontstaan er zelfs verbeterde Rietveldpanden. Daarom zal ook ons nageslacht van het erfgoed van onze wereldberoemde plaatsgenoot kunnen blijven genieten.”

 

Terug